Roerende inkomsten aangeven


Inkomsten van kapitalen en roerende goederen moeten worden vermeld in het tweede deel van de aangifte. Dit tweede deel is bestemd voor zelfstandigen maar ook voor personen die roerende inkomsten moeten aangeven. Als u dergelijke inkomsten heeft en u heeft dit deel van de aangifte niet ontvangen, dan moet u dit aanvragen bij uw belastingdienst. U vindt de gegevens van deze dienst in het eerste deel van de aangifte.

Inkomsten waarvan de aangifte niet verplicht is

Algemeen geldt dat inkomsten van financiële beleggingen (dividenden, inkomsten uit kasbons, gelddeposito's, obligaties …) bij hun inning al onderworpen zijn aan een roerende voorheffing. Deze inkomsten moeten dus niet worden vermeld in de aangifte.

Andere inkomsten zijn niet belastbaar en moeten dus niet worden aangegeven:

  • de eerste schijf van 1 600 euro aan intresten op een spaarboekje per gezin
  • de eerste schijf van 160 euro aan inkomsten uit kapitalen die werden geïnvesteerd in coöperatieve vennootschappen of erkende vennootschappen met een sociaal oogmerk.

Deze coöperatieve vennootschappen moeten u een attest afleveren dat bevestigt dat u een vrijstelling van 160 euro kunt genieten.

Welke inkomsten moet u aangeven?

U moet de volgende inkomsten aangeven:

  • inkomsten van buitenlandse oorsprong, direct geïnd in het buitenland
  • intresten van spaarboekjes (boven de 1 600 euro per gezin)
  • inkomsten (boven de 160 euro per gezin) van kapitalen die geïnvesteerd werden in coöperatieve vennootschappen of erkende vennootschappen met een sociaal oogmerk
  • andere inkomsten die niet werden onderworpen aan de roerende voorheffing (bijvoorbeeld de inkomsten uit hypothecaire schuldvorderingen op onroerende goederen die zich in België bevinden, inkomsten uit het gebruik of de concessie van roerende goederen, lijfrentes)

Roerende inkomsten worden belast op hun brutobedrag d.w.z. voor de inhouding van  de roerende voorheffing en de aftrek van bankkosten.

Het belastingtarief bedraagt 10-25 %, volgens de soort inkomsten.

Inkomsten van echtgenoten

De roerende inkomsten van echtgenoten die een gemeenschappelijke aangifte indienen, moeten worden aangegeven volgens het huwelijksstelsel.

Echtgenoten die gehuwd zijn onder het wettelijke stelsel, moeten elk de helft van de inkomsten aangeven. In alle andere gevallen moeten de inkomsten die deel uitmaken van het eigen vermogen van een van beide echtgenoten vermeld worden op naam van deze echtgenoot en moeten de gemeenschappelijke inkomsten voor de helft vermeld worden door elk van beide echtgenoten.

Belastingen

Niet gevonden wat u zocht?