Onderhoudsuitkeringen na een scheiding of beëindiging van wettelijk samenwonen
Een onderhoudsuitkering of alimentatie is een uitkering voor levensonderhoud aan de ex-echtgenoot of ex-echtgenote of aan de kinderen na een echtscheiding.
Onderhoudsuitkeringen voor de kinderen
Ouders hebben onderhoudsverplichtingen ten opzichte van hun kinderen.
Ongeacht of de ouders getrouwd zijn, uit de echt gescheiden, feitelijk gescheiden of gescheiden van tafel en bed, zij blijven verantwoordelijk voor:
- de huisvesting
- het onderhoud
- het toezicht
- de opleiding
- de opvoeding
Deze verplichtingen blijven bestaan als het kind meerderjarig is maar zijn opleiding nog niet voltooid heeft.
De ouder die niet verantwoordelijk is voor de dagelijkse uitgaven, bijvoorbeeld omdat het kind niet bij hem woont, moet zijn bijdrage voor de gemeenschappelijke kinderen betalen. Meestal is het de andere ouder die het geld ontvangt.
Meer informatie over personen ten laste van de belastingsplichtige
.
Onderhoudsuitkeringen tussen echtgenoten
Echtgenoten hebben ook wettelijke onderhoudsverplichtingen ten opzichte van elkaar. De verplichtingen die met het huwelijk samenhangen, blijven bestaan tijdens de scheidingsprocedure. De echtgenoten zijn elkaar nog altijd hulp en bijstand verschuldigd.
Na de scheiding kan er dus een alimentatieregeling zijn. Bij gebrek aan overeenkomst tussen de partijen, kan de rechter aan de behoeftige echtgenoot een onderhoudsuitkering toekennen.
De duur van de uitkering mag niet langer zijn dan de duur van het huwelijk. In geval van buitengewone omstandigheden kan de rechtbank de termijn wel verlengen.
Het bedrag van de onderhoudsuitkeringen
Het bedrag van de onderhoudsuitkering is afhankelijk van de mogelijkheden van de beide ouders. Als die het niet over een bedrag eens raken, zal de rechter een uitspraak doen.
Een alimentatie moet aan de begunstigde de kans geven om na de scheiding in vergelijkbare omstandigheden verder te leven. Naargelang de evolutie van de financiële situatie van de partijen, kan de alimentatie stijgen, dalen of opgeheven worden.
Betaalde onderhoudsuitkeringen zijn aftrekbaar van de belastingen
Betaalde onderhoudsuitkeringen zijn ten belope van 80% aftrekbaar van het totale netto-inkomen.
Bij de beëindiging van de wettelijke samenwoning zijn de onderhoudsuitkeringen die aan de wettelijk samenwonende partner verschuldigd zijn, aftrekbaar vanaf het jaar van de beëindiging van de wettelijke samenwoning.
Bij een echtscheiding en een scheiding van tafel en bed zijn de onderhoudsuitkeringen die aan de echtgenoot verschuldigd zijn, aftrekbaar vanaf het jaar van de scheiding.
Bij een feitelijke scheiding zijn de onderhoudsuitkeringen die aan de echtgenoot verschuldigd zijn, aftrekbaar vanaf het jaar dat volgt op dat van de feitelijke scheiding.
Voor het jaar van de feitelijke scheiding worden de echtgenoten immers fiscaal nog als één gezin beschouwd. De administratie vestigt de aanslag dus nog op naam van beide echtgenoten.
De onderhoudsuitkeringen die de ouder betaalt aan de kinderen met wie hij of zij niet samenwoont, zijn aftrekbaar vanaf het jaar van de scheiding of de beëindiging van de wettelijke samenwoning. Het maakt hier niet uit of het gaat om een echtscheiding, een feitelijke scheiding, een scheiding van tafel en bed.
Meer informatie over de aftrekbaarheid van betaalde onderhoudsuitkeringen
.
Ontvangen onderhoudsuitkeringen zijn belastbaar
Ontvangen onderhoudsuitkeringen zijn belastbaar ten belope van 80 % van het totale netto-inkomen. Ze moeten aangegeven worden op naam van de persoon voor wie de uitkeringen bedoeld zijn.
Zo moeten onderhoudsuitkeringen ten gunste van een kind in een aangifte op naam van het kind worden vermeld en niet in de aangifte van de ouder met wie het kind samenwoont, zelfs als het kind minderjarig is. Bij een minderjarig kind moet u een aangifteformulier op naam van het kind aanvragen bij uw lokale belastingsdienst. U moet die aanvraag doen uiterlijk op 1 juni van het jaar dat volgt op dat van de betaling van de uitkeringen.
Alimentatievorderingen
Gezinnen hebben vaak financiële problemen omdat de persoon die het onderhoudsgeld moet betalen nalaat om dit te doen.
Als u in die situatie zit, dan kunt u een beroep doen op de Dienst voor alimentatievorderingen(DAVO). Deze dienst kan bij de onderhoudsplichtige het maandelijkse onderhoudsgeld en de achterstallen recupereren.
De DAVO kan u ook voorschotten op het onderhoudsgeld uitbetalen op voorwaarde dat uw bestaansmiddelen een bepaald bedrag niet overschrijden.
U betaalt hiervoor administratiekosten: 5 % van het gerecupereerde bedrag.
Om een beroep te kunnen doen op de DAVO gelden de volgende voorwaarden:
- U moet in België wonen.
- Het onderhoudsgeld moet in de 12 maanden voor de aanvraag minstens tweemaal niet of niet volledig betaald zijn.
- Het onderhoudsgeld moet vastgesteld zijn in een uitvoerbare gerechtelijke beslissing of in een andere authentieke akte.
- Als een voorschot op het onderhoudsgeld gevraagd wordt, mag het nettobedrag van uw maandelijkse bestaansmiddelen voor het jaar 2012 niet hoger zijn dan 1.344 euro. Dit bedrag wordt nog eens verhoogd met 64 euro per kind ten laste.
Voor meer informatie kunt u de uitgebreide brochure downloaden
over de Dienst voor alimentatievorderingen, DAVO (PDF, 52 p. - 70 kB) of u kunt terecht op de website www.davo.belgium.be
.
