Organisatie van de medische hulpdiensten
De dienst 100, de ambulance, de MUG, de PIT … zijn medische hulpdiensten die op een eigen wijze functioneren en elkaar aanvullen. De coördinatie is in handen van de FOD Volksgezondheid, die de samenwerking tussen de verschillende diensten bepaalt. De medische hulpdiensten werken vaak samen met andere hulpdiensten zoals de brandweer, de politie, de civiele bescherming …
Eerstehulpverlening en vervoer
De dienst 100 is de eerste schakel van het systeem. De oproepen die binnenkomen via de gratis telefoonnummers 100 of 112 ondergaan eerst een triage vóór een of meer medische hulpdiensten in actie komen.
De ambulances van de dienst 100 behoren ofwel tot:
- een ambulancedienst van een erkende brandweer
- een privéonderneming erkend door de FOD Volksgezondheid
- een ziekenhuis
- een afdeling van het Rode Kruis
Een ambulance vervoert een patiënt altijd naar de snelst bereikbare spoeddienst van een ziekenhuis, behalve als:
- het ziekenhuis het slachtoffer na de eerste hulp niet voldoende verzorging kan bieden
- het slachtoffer bekend is bij en behandeld wordt door een ander erkend ziekenhuis dat in maximaal tien minuten bereikbaar is
De Mobiele Urgentie Groep (MUG)
De MUG is een mobiel medisch team dat ten minste bestaat uit een verpleegkundige met een Bijzondere BeroepsTitel Intensieve zorgen en Spoedgevallenzorg (BBT) en een urgentiearts. De MUG verplaatst zich met medische-interventievoertuigen die reanimatiemateriaal aan boord hebben: intubatiemateriaal, een beademingsapparaat, een hartmonitor, een toestel voor elektrocardiografie, een hartdefibrillator …
De opdracht van de MUG is de vitale functies van de patiënt te stabiliseren voor de ambulance de patiënt naar het ziekenhuis vervoert. Deze snelle-interventiedienst wordt dus niet automatisch ingeschakeld bij een noodsituatie. Hij wordt alleen opgeroepen bij levensgevaarlijke situaties, zoals:
- een verdrinkingsongeval
- ademhalingsnood
- ernstige brandwonden
- vergiftiging met chemicaliën of radioactieve stoffen
- een val van een hoogte van verschillende meters
- shock of coma
- een ernstig verkeersongeval
- wonden van de nek, borstkas of buik veroorzaakt door een vuur- of steekwapen
-
…
Helikopters
Omdat sommige gebieden afgelegen zijn en sommige wegen helemaal vol zitten, worden sinds kort ook twee helikopters ingezet in België. Ze hebben dezelfde bevoegdheden als de MUG's en nemen bovendien het vervoer van patiënten voor hun rekening.
Hulpteams
Een Paramedisch Interventieteam (PIT) is een hulpteam dat het midden houdt tussen een ambulance en een MUG. Een PIT is een ambulance die tot een ziekenhuis behoort. De PIT wordt bemand door een ambulancier en een verpleegkundige BBT. Zij worden indien nodig ondersteund door een urgentiearts, met wie zij via een beveiligde radioverbinding in contact staan.
Deze 'gemengde' teams verminderen de werklast van de MUG's, die nog te vaak worden ingeroepen uit voorzorg. Dankzij de PIT's kunnen de MUG's zich helemaal concentreren op levensgevaarlijke situaties.
Grootschalige spoedgevallen
Het Medisch Interventieplan (MIP) wordt onmiddellijk van kracht zodra er sprake is van:
ten minste vijf zwaargewonden en verschillende lichtgewonden
ofwel ten minste tien gewonden van die de toestand onbekend is
ofwel meer dan tien personen die mogelijk in gevaar verkeren
Er komt een heel systeem van hulpverlening op gang: verschillende ambulances en MUG's worden opgevorderd. Soms wordt zelfs een Vooruitgeschoven Medische Post (VMP) opgezet. Daar worden patiënten:
- geïdentificeerd (naam, geslacht, leeftijd …)
- onderverdeeld volgens de dringendheid van hun medische situatie
- voorbereid en/of verzorgd vóór het vervoer naar het ziekenhuis
- naar het ziekenhuis vervoerd
Dankzij het Psychosociaal Interventieplan (PSIP) kunnen bij een dergelijke crisis alle gewonde en niet-gewonde slachtoffers worden begeleid. Ze worden gerustgesteld en bemoedigd. Zodra de acute fase voorbij is, nemen de gebruikelijke structuren van de gezondheidszorg de medische behandeling van de slachtoffers over.
