Voorlopige fase
Wanneer een minderjarige voor de jeugdrechtbank wordt geleid, kan de jeugdrechter voorlopige maatregelen nemen. Dit wil zeggen dat hij de jongere onmiddellijk een aantal voorlopige maatregelen kan opleggen, nog voor de rechter een oordeel heeft geveld over de schuld of onschuld van de jongere.
De voorlopige maatregel dient niet om de jongere te straffen. De jeugdrechter mag een voorlopige maatregel enkel nemen om:
- de jongere te beschermen
- de maatschappij te beschermen
- het verloop van het onderzoek te bevorderen
In principe mogen dergelijke voorlopige maatregelen maximaal zes maanden duren. De rechter kan deze periode wel maandelijks verlengen, maar hij moet die verlenging wel speciaal motiveren.
Voorbeelden
De jeugdrechter kan beslissen om de jongeren te plaatsen. Dit kan zowel:
- Bij een betrouwbaar persoon zoals een grootouder zijn
- In een geschikte inrichting, zoals een pleeggezin
- In een ziekenhuis
- In een gemeenschapsinstelling
- In een jeugdpsychiatrische afdeling
De jeugdrechtbank kan ook beslissen dat de jongere thuis bij zijn familie mag blijven, maar hem eventueel voorwaarden opleggen. De rechter kan hem daarbij wel bepaalde voorwaarden opleggen, zoals hem onder huisarrest plaatsen of verbieden om bepaalde personen te ontmoeten.
