U bent hier

Kosten

Rechtsbijstand kost natuurlijk geld. Een advocaat ontvangt een ereloon en een vergoeding voor de gemaakte kosten zoals briefwisseling, verplaatsingskosten en telefoongesprekken. Er bestaan geen vaste tarieven: een advocaat bepaalt zelf welke financiële afspraken hij met zijn cliënt maakt.

Het ereloon kan volgens verschillende criteria berekend worden:

  • Volgens een uurtarief
    De advocaat zal het aantal uren dat hij aan de zaak werkte, vermenigvuldigen met het uurtarief. U kunt vragen om op regelmatige tijdstippen op de hoogte te worden gehouden van het aantal gepresteerde uren.
  • Volgens de waarde van de zaak
    U betaalt een bepaald percentage.
  • Volgens de geleverde prestaties
    U betaalt volgens het geleverde werk, het belang van de zaak, de moeilijkheidsgraad, het resultaat of de dringendheid.
  • Vast bedrag
    U komt een totaalbedrag overeen met uw advocaat.
  • Jaarcontract
    Deze methode passen bedrijven vaak toe wanneer ze verschillende zaken aan dezelfde advocaat toevertrouwen.

U vraagt uw advocaat best vooraf om een schatting van de kosten en het ereloon. Maak daarover duidelijke afspraken.

In een procedure zijn er naast de kosten voor een advocaat ook nog de gerechtskosten: dit zijn de kosten van de rechtbank en de gerechtsdeurwaarder. Die moet u betalen, tenzij de rechter beslist dat de tegenpartij ze geheel of gedeeltelijk moet betalen.

Financiële steun van de overheid

Niet iedereen kan de kosten voor rechtsbijstand betalen. Daarom creëerde de overheid een systeem van juridische tweedelijnsbijstand, het vroegere pro-Deosysteem. Wanneer uw inkomen niet voldoende is om alle kosten te betalen en u van dit systeem gebruik wilt maken, moet u een verzoek richten tot het Bureau voor Rechtsbijstand dat iedere Orde van Advocaten inricht in zijn gerechtelijk arrondissement.

De inkomensgrens bepaalt of iemand in aanmerking komt voor rechtsbijstand.

De bijstand is volledig gratis als u:

  • alleenstaande bent met een netto maandelijks inkomen van minder dan 942 euro.
  • alleenstaande bent met een persoon ten laste en met een netto maandelijks inkomen van minder dan 1210 euro (+160,27 euro per persoon ten laste).
  • een gezin vormt (getrouwd of samenwonend) met een netto maandelijks inkomen van minder dan 1210 euro (+160,27 euro per persoon ten laste).
  • een leefloon of een bijstandsuitkering ontvangt.
  • een inkomensgarantie voor ouderen (IGO) heeft.
  • een inkomensvervangende uitkering voor gehandicapten die geen integratievergoeding genieten ontvangt.
  • een kind ten laste heeft waarvoor u gewaarborgde kinderbijslag ontvangt.
  • een sociale woning in het Vlaamse Gewest of het Brussels Hoofdstedelijk Gewest huurt voor een prijs die overeenkomt met de helft van de basishuur of in het Waalse Gewest een minimumhuur betaalt.
  • minderjarig bent.
  • een vreemdeling bent die een verblijfsregularisatie wil aanvragen of die beroep wil aantekenen tegen een bevel om het grondgebied te verlaten.
  • een asielaanvrager bent of om het even welke persoon die een aanvraag indient tot het verkrijgen van het statuut van politiek vluchteling of van ontheemde.
  • personen in gevangenschap of beklaagden als bedoeld in de wet op de onmiddellijke verschijning, van wie men vermoedt dat hun inkomen niet voldoende hoog is, tenzij het tegendeel bewezen is.
  • geestesziek bent en al genoten hebt van maatregelen in het kader van de wet op de bescherming van de geesteszieken.

De bijstand is 'gedeeltelijk kosteloos' voor:

  • alleenstaanden met een netto maandelijks inkomen tussen 942 en 1210 euro.
  • alleenstaanden met een persoon ten laste en met een netto maandelijks inkomen tussen 1210 en 1477 euro (+160,27 euro per persoon ten laste).
  • personen die samenwonen met een huwelijkspartner of met een andere persoon waarmee zij een huishouden vormen en van wie het netto maandelijks gezinsinkomen ligt tussen 1210 en 1477 euro (+160,27 euro per persoon ten laste).

'Gedeeltelijk kosteloze' bijstand wil zeggen dat de advocaat een bijdrage kan vragen om zijn prestaties te dekken. Het bedrag wordt vastgesteld onder toezicht van het Bureau voor Rechtsbijstand.

Hoe dient u een verzoek in bij het Bureau voor Rechtsbijstand?

U kunt het verzoek ter plaatse doen of schriftelijk (laten) bezorgen aan het Bureau voor Rechtsbijstand van uw gerechtelijk arrondissement. Bij het verzoek voegt u ook de documenten die uw situatie of uw inkomen bewijzen.

Wanneer het Bureau uw verzoek inwilligt, zal het een advocaat aanwijzen die gespecialiseerd is in dat soort zaken en die bovendien uw taal spreekt. Wanneer het Bureau niemand kan vinden die uw taal spreekt, wijst het een tolk aan.

U kunt natuurlijk ook aan het Bureau voor Rechtsbijstand vragen dat het uw vertrouwde of een u bekend advocaat aanwijst.

Het Bureau voor Rechtsbijstand beschikt over een termijn van vijftien dagen om te beslissen of het u volledig of gedeeltelijk kosteloze rechtsbijstand verleent.

Als het Bureau uw verzoek verwerpt, kunt u beroep instellen voor de arbeidsrechtbank. Dat beroep moet ingesteld worden binnen de maand na de verwerping.

Wilt u weten of u in aanmerking komt voor kosteloze of gedeeltelijk kosteloze rechtsbijstand en raakt u niet wijs uit de berekening van de toekenningvoorwaarden? Neem dan contact op met het Justitiehuis of met het Bureau voor Rechtsbijstand in uw streek.