U bent hier

Plichten van fietsers

Als fietser bent u een zwakke weggebruiker. U wordt hiervoor extra in bescherming genomen door de wet. Maar dat betekent niet dat u geen verplichtingen heeft. U mag geen misbruik maken van de voorrang die u als fietser op bepaalde plaatsen heeft, want dan kunt u andere weggebruikers in gevaar brengen. U bent verplicht om de verkeerswetgeving na te leven om uw eigen veiligheid en die van anderen te garanderen. Daarnaast moet u ervoor zorgen dat uw fiets en uw uitrusting steeds in orde zijn.

Als fietser moet u steeds op het fietspad rijden. Volgens de verkeersregels moet u gebruikmaken van de oversteekplaatsen en wegen die voor fietsers bestemd zijn. U moet steeds de rechten van de andere zwakke weggebruikers respecteren. Onvoorzichtig rijgedrag is ook voor fietsers niet toegelaten. Fietsers hebben geen voorrang op een oversteekplaats voor fietsers. Ze mogen zich slechts voorzichtig op de oversteekplaats begeven en moeten op de naderende voertuigen letten.

Als u gaat fietsen in groep gelden er soms andere regels waaraan u zich moet houden.

Uw fiets moet aan verschillende technische eisen voldoen. Als u de weg op wil, dan moet uw fiets uitgerust zijn met:

  • een bel
  • goede remmen vooraan en achteraan; bij kinderfietsjes volstaat één rem
  • een wit of geel licht vooraan en een rood licht achteraan
  • een witte reflector vooraan en een rode reflector achteraan
  • reflectoren op de pedalen
  • reflectoren in de wielen of banden met een reflecterende zijkant

Kinderfietsen, koersfietsen en mountainbikes hoeven niet te zijn uitgerust zijn met lichten of reflectoren, tenzij u in het donker fietst.

Zelfs al is het niet verplicht toch kan het dragen van een helm of een fluohesje de veiligheid alleen maar ten goede komen en meer bepaald die van kinderen.

Download het document 'Veilig op stap. Te voet of per fiets, alleen of in groep.'