U bent hier

Moderne Tijden (1482 - 1794)

Onder het bewind van Keizer Karel V (1500 - 1555) was België één van de meest verstedelijkte gebieden van de wereld. De haven van Antwerpen was een belangrijk commercieel centrum en werd ook een financieel centrum. Naast de economie bloeiden de kunst en wetenschap en Belgische intellectuelen werden bekend in heel Europa.

In de tweede helft van de zestiende eeuw kwamen de Belgen en de Nederlanders in opstand tegen de tirannie van Filip II (1555 - 1598), koning van Spanje en de Nederlanden. De opstand was doorvlochten met onrust tussen katholieken en protestanten. In de jaren 1580 lukte het de protestanten van de Noordelijke Nederlanden zich af te scheiden. De Spaanse koning heroverde het Zuiden, waar het katholicisme opgelegd werd. De belangrijkste handelaars en intellectuelen trokken naar het Noorden met hun kennis en kapitaal. Bovendien konden de Nederlanders de riviermond van de Schelde blokkeren tot 1794. Dat zorgde voor de teloorgang van Antwerpen en de opkomst van Amsterdam.
Onder aartshertog Albert en aartshertogin Isabella (dochter van Filip II) werden de Zuidelijke Nederlanden (België exclusief Luik) semi-autonoom (1598 - 1621) en ze konden hun culturele rijkdom gedeeltelijk behouden (Rubens). Toen de Zuidelijke Nederlanden opnieuw onder Spaans gezag vielen, betaalden ze de prijs voor de nederlagen die ze hun heersers bezorgd hadden. Zo verloren ze voor altijd veel grondgebied aan de Noordelijke Nederlanden en Frankrijk. Het land leed enorm tijdens de oorlogen van de Franse koning Louis XIV, die een puinhoop maakte van Brussel in 1695.
In 1713 vielen de Zuidelijke Nederlanden in Oostenrijkse handen. De Oostenrijkers streefden naar voorspoed en moedigden de handel aan. In de jaren 1720 dreef de Oostendse Compagnie succesvol handel met het Oosten maar de Oostenrijkse Keizer werd door de andere Europese machten gedwongen de activiteiten stop te zetten. In Wallonië werd de industriële sector gekenmerkt door innovatie.

Ondertussen bleef het prinsdom Luik onafhankelijk binnen het Heilig Romeinse Rijk. In 1794 kwam een eind aan de Oostenrijkse heerschappij met de Franse verovering van de Zuidelijke Nederlanden en Luik en hun annexatie bij Frankrijk.