De bevoegdheden van het federaal parlement

De staatshervorming heeft de Kamer en de Senaat verschillende rollen toebedeeld.

Sommige bevoegdheden worden exclusief door de Kamer uitgeoefend. Het gaat over de controle op de federale regering en onder andere op de begroting en de staatsrekeningen. Wat betreft de bevoegdheid een regering tot aftreden te dwingen, stelt het huidige artikel 96 van de grondwet dat de regering haar ontslag aanbiedt wanneer "de Kamer van volksvertegenwoordigers, bij volstrekte meerderheid van haar leden, een motie van wantrouwen aanneemt die een opvolger voor de eerste minister voor benoeming aan de koning voordraagt, of een opvolger voor de eerste minister voor benoeming aan de koning voordraagt binnen drie dagen na het verwerpen van een motie van vertrouwen".

De Senaat op zijn beurt is als enige bevoegd inzake belangenconflicten die kunnen ontstaan tussen het federale parlement en de parlementen van de gemeenschappen en de gewesten.

Andere bevoegdheden worden beurtelings door de Kamer en de Senaat uitgeoefend: de voorstelling van de kandidaten voor het Grondwettelijk Hof, het Hof van Cassatie en de Raad van State.

Voor de belangrijkste bevoegdheden treden de twee vergaderingen op voet van gelijkheid op: grondwetsherzieningen, het goedkeuren van bepaalde wetten en de instemming met internationale verdragen.

Alle andere bevoegdheden worden door beide vergaderingen uitgeoefend, maar het is de Kamer die het laatste woord krijgt. De Senaat is een bezinningskamer en zal zich dus slechts uitspreken over ontwerpen of voorstellen van wet indien hij dat nodig acht. De Senaat kan evenwel het initiatief nemen om een wetsvoorstel in te dienen.

Samen met de federale regering, behartigen de Kamer en de Senaat het algemene belang van de staat.

Over Belgie

Niet gevonden wat u zocht?